Steeds meer zelfstandig ondernemers denken bewust na over hun werkvorm. Uit de Zelfstandigen Enquête Arbeid (ZEA) 2025 blijkt dat het merendeel van de zzp’ers tevreden is met hun ondernemerschap. Voornamelijk in het pedagogisch domein zouden echter opvallend veel ondernemers liever naar loondienst overstappen. De jaarlijkse discussie over zekerheid, werkdruk en regeldruk krijgt daarmee nieuwe cijfers die inzicht in de verschillen tussen beroepsgroepen geven.

Pedagogische beroepen boven het gemiddelde

Van alle 1,2 miljoen zzp’ers in Nederland zou gemiddeld 11 procent liever in loondienst werken als die keuze vrij voorhanden was. Onder docenten, onderwijsassistenten en andere pedagogische professionals loopt dat aandeel op tot 23 procent, ruim het dubbele van het landelijk gemiddelde. Bij pedagogische beroepen leeft de wens om terug te keren naar een vaste baan duidelijk het sterkst.
Andere sectoren laten een veel lager percentage zien:

  • Commerciële zelfstandigen: 7,5 procent
  • Agrarische zelfstandigen: 7,6 procent
  • Creatieve en taalkundige beroepen: 13,1 procent

Tevredenheid bepaalt de behoefte aan zekerheid

Achter de voorkeur voor loondienst gaan duidelijke verschillen in werkbeleving schuil. In de gehele zzp-populatie is 81 procent tevreden over het eigen werk en 79 procent over de arbeidsomstandigheden. Maar binnen de groep die níet tevreden is, ligt de voorkeur voor loondienst aanzienlijk hoger. Van de ontevreden zzp’ers zou 30 procent liever terugkeren naar een vaste baan. Bij tevreden ondernemers daalt dat naar slechts 7 procent.
Een vergelijkbare trend is zichtbaar bij de waardering van arbeidsomstandigheden. Zelfstandigen die de fysieke of mentale belasting als negatief ervaren, hebben vaker behoefte aan zekerheid en stabiliteit. Het verschil tussen 20 procent (niet tevreden) en 9 procent (wel tevreden) laat zien hoe sterk werkbeleving doorwerkt in de bereidheid om het ondernemerschap los te laten.

Toekomstzorgen en regeldruk spelen nadrukkelijke rol

Naast tevredenheid, blijken ook bredere zorgen invloed te hebben op de houding van zzp’ers. Bijna de helft van de zelfstandigen maakt zich zorgen over de toekomst van hun bedrijf. Binnen die groep kiest 14 procent, bij vrije keuze, liever voor loondienst. Bij ondernemers die geen zorgen ervaren, zakt dat percentage naar 8 procent.
Regeldruk vormt een tweede belangrijke factor. Vier op de tien zzp’ers ervaren het volgen van wet- en regelgeving als (heel) belastend. 13 procent geeft daarom ook de voorkeur aan loondienst. Dit is vaker dan ondernemers voor wie het bijhouden van regels minder zwaar weegt. De administratieve lasten blijven daarmee een bekend pijnpunt binnen het ondernemersklimaat.

Grote verschillen tussen beroepsgroepen blijven bestaan

De cijfers van CBS en TNO laten zien dat de keuze voor loondienst niet alleen van persoonlijke voorkeuren afhangt, maar ook sterk samenhangt met de sector waarin iemand werkt. Pedagogische beroepen kennen al jaren een hoge werkdruk en relatief beperkte mogelijkheden om tarieven te verhogen. Dat verklaart deels waarom juist deze groep zzp’ers gevoeliger is voor onzekerheid of schommelingen in opdrachten.
Ter vergelijking: in technisch, logistiek en ICT-werk zou slechts minder dan 11 procent liever in loondienst werken. Dit zijn sectoren waar tarieven stabieler zijn en de vraag naar zelfstandige professionals groot blijft. De verschillen tussen beroepsgroepen benadrukken dat de arbeidsmarkt voor zelfstandigen sterk versnipperd is, met uiteenlopende kansen, risico’s en verwachtingen.

Bredere context: schaarste, beleid en veranderende arbeidsmarkt

Volgens het CBS groeit het aantal zelfstandigen nog steeds, maar verandert de motivatie erachter. Waar veel mensen voorheen bewust kozen voor autonomie en flexibiliteit, speelt nu vaker mee hoe sectoren omgaan met werkdruk, vergoeding en regelgeving. In beroepen waarin de werkdruk oploopt of tarieven achterblijven, wordt de overstap naar loondienst aantrekkelijker, zelfs voor ondernemers die jarenlang gewend waren zelf opdrachten te regelen.